
In het geometrische landschap van Flevoland staat in Almere een ‘kathedraal’, gevormd door populieren. In 1987 plantte kunstenaar Marinus Boezem (Leerdam, 1934) 178 populieren volgens de plattegrond van de 13de-eeuwse kathedraal van Reims.
Tussen de bomen liggen paden die de ribben van de kruisgewelven weerspiegelen. De schelpencirkels verwijzen naar de zee die daar 50 jaar geleden nog was. De Groene Kathedraal symboliseert het verlangen om op te stijgen naar het goddelijke en het aardse achter zich te laten.
Boezem ziet de gotische kathedraal als hoogtepunt van het menselijk kunnen, net als de creatie van de polders van Flevoland op de bodem van de voormalige Zuiderzee. Terwijl Almere in een rap tempo groeit, groeit De Groene Kathedraal maar langzaam. Wanneer de bomen na enkele decennia de hoogte van de kathedraal van Reims evenaren, sterven ze langzaam af.
Nabij De Groene Kathedraal heeft Boezem de omtrek van de kathedraal uitgespaard in eiken- en beukenhagen. Terwijl De Groene Kathedraal langzaam vervalt, volgroeien de hagen rondom de 'negatieve' kathedraal. Binnen deze dichte omheining blijft de herinnering aan de transparante Groene Kathedraal levend.
©Museum De Paviljoens