


Binnen de maatschappelijke dienstensector manifesteert zich een aanzienlijk deel van werkgelegenheid (ca. 1/3 van de totale werkgelegenheid in de provincie). De banen concentreren zich vooral bij enkele grote lokale werkgevers in de zorg, het onderwijs e.d. Met een forse woningbouwtaakstelling de komende decennia voor de boeg, met name in Zuidelijk Flevoland, is het zeer aannemelijk dat ook de komende jaren de voor deze maatschappelijke dienstensector kenmerkende groei zich zal voortzetten. Het gaat hierbij niet alleen om groei van de werkgelegenheid maar ook om uitbreiding van het voorzieningenpakket in de breedte, om het aantrekken van vormen van dienstverlening die sterk bijdragen aan ons bruto regionaal product, dienstverlening waar we Flevoland mee op de kaart zetten. Bovendien heeft de maatschappelijke dienstensector zich al bewezen als een uitstekende sector om jongeren via een stageplaats voor te bereiden op de arbeidsmarkt. Uitermate belangrijk om onze potentiële beroepsbevolking te binden aan onze regio. Kortom: het mes snijdt hier aan meerdere kanten. Inzetten op de maatschappelijke dienstensector is belangrijk als banenmotor maar ook om ervoor te zorgen dat alle Flevolandse jongeren in 2010 beschikken over een startkwalificatie voor de arbeidsmarkt én om meer balans te brengen in ons voorzieningenniveau.
De sector zorg in Flevoland groeit gestaag. Daarmee wordt het in toenemende mate een belangrijke werkgelegenheidsmotor. Veel van die arbeidsplaatsen zijn er om te voldoen aan de dagelijkse vraag naar zorg. De groei daarvan verloopt vaak gelijkmatig aan de groei van de bevolking. Bij de intramurale vormen van zorg soms wel jaren kan duren voordat het benodigde aanbod beschikbaar is. Het aantrekken van gespecialiseerde functies in de zorg heeft meerdere effecten: Het leidt tot een grotere diversiteit aan functies en daarmee tot een versterking van de economische structuur. Specialistische zorg trekt op haar beurt ook weer andere vormen van werkgelegenheid aan. Het biedt inwoners van Flevoland zorgaanbod “om de hoek”, die voorheen alleen op grotere afstand buiten de provincie beschikbaar was. Plannen en initiatieven worden in relatie tot elkaar gebracht om zorginhoud en mogelijke vestigingsplaats goed af te stemmen. De stimulering moet gecoördineerd plaatsvindt op provinciaal niveau. Zorgaanbieders en verzekeraars zullen vanuit de ontwikkeling van de zorgvraag en de mogelijkheden voor ontwikkeling van meer specialistische vormen van zorg in eerste instantie hiervoor informatie moeten aanleveren. De provincie kan vanuit die informatie concrete voorstellen destilleren en (in samenwerking met gemeenten) een lobbytraject opzetten gericht op het verzilveren van zich aandienende kansen. De provincie zal zelf ook initiatief nemen om kansrijke mogelijkheden na te gaan. Niet in elke sector van de zorg zijn die kansen voor bovenregionale voorzieningen even groot of realistisch. De aandacht wordt in eerste instantie gericht op de onderdelen jeugdzorg (Justitiële Inrichting te Almere), curatieve zorg (topklinische specialismen) en verplaatsing van bestaande bovenregionale voorzieningen naar Flevoland. Vormen van zorg gerelateerd aan onderwijs en onderzoek vallen onder het concept Almere Health City. De zorgeconomie omvat economische activiteiten die gerelateerd zijn aan zorg, gezondheid en/of welzijn. Een breed begrip waarin ook vele deelsegmenten zijn te onderscheiden. Almere heeft een achterstand van zorgvoorzieningen ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Er wordt ingezet op een versterking van de economische zorgstructuur en werkgelegenheidsgroei door het aantrekken van bedrijvigheid in de zorg en het zorgonderwijs met een duidelijk bovenregionaal profiel. Vanuit de investeringsimpuls Flevoland – Almere (IFA) wordt samen met de gemeente Almere ingezet op het concept ‘Almere Health City’. Dit concept omvat onder andere:
Deze gedachte is voor het NOC*NSF meer dan een droom. Hierover wordt strategisch nagedacht. Na onderzoek naar de haalbaarheid en het draagvlak wordt in de periode 2008-2016 de fase voorzien waarin de opbouw zal moeten plaatsvinden. Hierin past ook de bouw en/of aanpassing van accommodaties en de organisatie van internationale sportevenementen. Flevoland beschikt hiervoor over een uitstekende uitgangspositie:
Wij zien het daarom als een kans om bij deze gedachte aan te haken en Flevoland te positioneren als de sportiefste provincie van Nederland, als dé locatie om (een deel van) de benodigde olympische infrastructuur te realiseren. Dit vergt naast een echte sportcultuur wel een evenementen- en accommodatiebeleid dat regelmatig de organisatie van internationale topevenementen mogelijk maakt. Dit biedt geweldige kansen voor de promotie van onze regio in economische zin. Dit maakt het ook mogelijk allerlei investeringen aan te trekken en de achterstand in ons voorzieningenniveau in te lopen. De gemeente Almere heeft in het kader van de Investeringsimpuls Flevoland – Almere (IFA) een aanvraag ingediend voor de bouw van een toptenniscentrum in Almere dat die bovenregionale functie en aantrekkelijkheid zal krijgen. In totaal studeren er nu ca. 3000 studenten in Flevoland. Terwijl er zo’n 10.000 hbo- en wo-studenten in Flevoland wonen die dus voor een groot deel buiten Flevoland studeren. De uitdaging voor komende tijd is dat we ervoor zorgen dat deze Flevolandse jongeren voor Flevoland behouden blijven. Flevoland moet aantrekkelijker worden voor Flevolandse jongeren en voor jongeren daarbuiten om hier te komen studeren. Eén en ander betekent dat Flevoland moet toewerken naar een veel breder hoger onderwijsaanbod. De Provincie is samen met het Flevolandse bedrijfsleven initiatiefnemer voor het verder uitwerken van de ideeën rond een eigen universiteit voor Flevoland. Flevolandse bedrijven hebben behoefte aan een eigen wetenschappelijke voorziening per bedrijvencluster. Een wetenschappelijke voorziening die voor innovaties zorgt in zo’n economische cluster. De bedoeling is dat de verschillende instellingen die er nu al zijn en nog toegevoegd worden ondergebracht worden onder één Flevolands universitair label. De provincie neemt hierin het voortouw. De provincie Flevoland stimuleert het realiseren van multifunctionele centra (MFC) in de kleine kernen van Flevoland. In de periode tot 2013 moeten vijf van die MFC’s worden gerealiseerd. Door meerdere functies bij elkaar te brengen in één gebouw en samenwerking te stimuleren, kan het voorzieningenniveau in de kleine kernen naar verwachting minimaal worden behouden en mogelijk ook worden uitgebreid. Daarbij staat krachtenbundeling voor betere dienstverlening aan de inwoners centraal. Hierbij kunnen zowel commerciële, als non-profit organisaties een rol spelen. De middelen waarover de provincie Flevoland voor dit doel kan beschikken, zijn bedoeld voor de bouw van de beoogde centra. In de centra wordt plaats geboden aan nieuwe werkgelegenheid. Culturele voorzieningen maken het voor een bredere groep mensen aantrekkelijk om in Flevoland te komen wonen en werken en dragen zo belangrijk bij aan een goed economisch (vestigings)klimaat. Ook het streven naar meer hoger onderwijs sluit hier uitstekend op aan. Voor studenten is het aantrekkelijk om in Flevoland te komen c.q. blijven studeren als er op cultureel gebied ook leven in de brouwerij is. Omgekeerd versterken studenten en medewerkers van hoger onderwijs het draagvlak voor culturele voorzieningen. Omdat Flevoland onderdeel uitmaakt van de Randstad en o.a. dichtbij Amsterdam en Utrecht ligt betekent dit dat we moeten zoeken naar complementariteit t.o.v. het culturele aanbod van deze omliggende steden en alert moeten zijn op ons onderscheidend vermogen. Daarbij mag overigens niet uit het oog worden verloren dat we streven naar een culturele infrastructuur die hoort bij de omvang en de samenstelling van onze bevolking en tegelijkertijd een ‘plus’ betekent ter versteviging van ons algehele vestigingsklimaat. Gezocht wordt naar een versterking van de culturele infrastructuur met behulp van trefwoorden als ‘jong’, ‘dynamisch’, ‘innovatief’, ‘specifieke ruimtelijke context’, en ‘bijzondere archeologie’. Gedacht wordt aan door het binden van productieorganisaties met een landelijke uitstraling die gericht zijn op een jong publiek, door het aangaan van innovatieve samenwerkingsverbanden (Nieuwland Erfgoedcentrum, New Towns Institute), door gebruik te maken van de specifieke ruimtelijke mogelijkheden van Flevoland met landschapskunst, met specifieke theaterlocaties, door het beleefbaar maken van onze archeologie (Flevoland als bakermat van de Swifterbantcultuur), door moderne, innovatieve architectuur e.d.
