Voorziening onverwijlde bijstand

Bijstand vraagt u aan bij de gemeente. De gemeente neemt het besluit over het verlenen van bijstandsuitkeringen. Heeft de gemeente niet binnen 4 weken hierover beslist? Dan moet de gemeente besluiten of u een voorschot kunt krijgen. Dit voorschot verrekent de gemeente later met uw uitkering.

Weigert de gemeente u een voorschot te geven? Of is het voorschot te laag? Dan kunt u bij de provincie een voorziening onverwijlde bijstand aanvragen. Geeft de provincie u gelijk? Dan moet de gemeente onmiddellijk het voorschot geven of verhogen.

Dit kan als het gaat over een voorschot voor de bijstand. Of over het voorschot van de aanvullende bijstand voor ouderen (AIO) van de Sociale Verzekeringsbank (SVB).

Welke regels gelden voor u?

U kunt onverwijlde bijstand aanvragen als het volgende geldt:

  • U heeft een bijstandsuitkering aangevraagd bij de gemeente of aanvullende bijstand voor ouderen (AIO) aangevraagd bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB)
  • U heeft de uitkering minstens 4 weken geleden aangevraagd
  • De gemeente of de SVB heeft nog geen beslissing genomen over uw aanvraag
  • De gemeente of SVB heeft besloten om u geen of een te klein voorschot te geven 
  • U heeft het voorschot dringend nodig en kunt niet langer wachten
  • U werkt voldoende mee en heeft alle gevraagde informatie gegeven
  • De kans dat u de uitkering krijgt, is groot.

Hoe lang duurt het?

De provincie streeft ernaar om binnen 5 werkdagen contact met u op te nemen.

Hoe werkt het?

U vraagt de onverwijlde bijstand schriftelijk aan bij de provincie. U mag iemand anders machtigen. Dit houdt in dat iemand anders de aanvraag voor u mag schrijven.

Laatst aangepast: 14-12-2018